
Lyness Kunda (56) is verpleegkundige in Luanshya, een klein dorpje in de Copperbelt provincie van Zambia. Dit gebied staat bekend om de hoge koperconcentratie in de bodem. Tot enkele jaren geleden was Lyness dan ook in dienst van een kopermijn.
Werkgelegenheid in de mijn
Lyness: “Mijn man werkte in de mijn als bouwkundige en ik was in dienst al verpleegster. Het mijnbouwbedrijf zorgde indertijd voor een redelijk salaris en ook de werkomstandigheden waren in orde. Het was mijn taak als verpleegster om de mijnwerkers te verzorgen wanneer ze ziek werden. Omdat de mijnen toen nog in handen waren van de overheid hadden we voldoende bedden en medicijnen.”
Privatisering: massa-ontslagen
Dit alles veranderde toen in de jaren ’90 het grootste deel van de mijnen werd overgenomen door buitenlandse bedrijven. Zowel de salarissen als de arbeidsomstandigheden gingen in rap tempo achteruit. Wegens bezuinigingen werden bovendien duizenden mensen ontslagen. Zo ook Lyness: “Ik was ruim 35 jaar in dienst toen ik werd ontslagen. Iedereen van boven de 50 jaar moest het veld ruimen. Op een pensioen of uitkering hoefden we niet te rekenen.”
Voormalige mijnwerkers organiseren zich
Na haar ontslag en het overlijden van haar man, besloot Lyness' zich aan te sluiten bij de vereniging van Ex-mijnwerkers. De vereniging heeft 6.000 leden en is opgezet om op te komen voor de belangen van mijnwerkers en hun gezinnen. Lyness: “Ik heb me aangemeld als vrijwilliger en verpleeg zo’n dertig mensen per maand. De meeste van hen zijn ex-mijnwerkers die ziek zijn geworden door de slechte arbeidsomstandigheden.”
Kliniek geeft basis zorg
De kliniek heeft niet genoeg middelen om iedereen van medische zorg te voorzien. Toch is Lyness blij met haar werk: “De meeste mensen hebben geen geld om zich te laten onderzoeken. Ze blijven dan rondlopen met hun symptomen en wachten veel te lang met het zoeken van hulp. Door de kliniek van onze vereniging kan ik een eerste diagnose doen en soms ziekteverschijnselen de kop in drukken.”
Vooruitgang
Lyness is optimistisch ingesteld: “Ik denk echt dat onze vereniging toekomst heeft. We hebben al veel vooruitgang geboekt, onder andere door een eigen ijzerertsmijn op te zetten en via kleinschalige landbouwactiviteiten. Dit kunnen goede inkomstenbronnen worden voor de toekomst.”